Opvang van evacués

De opvang van mensen uit de evacuatiegebieden Limburg en Tiel door bewoners uit de oude binnenstad, in Zalen Schaaf. Maart 1945.

Dagboek Goffe Miedema, 13 januari 1945:

“Er komen hier in de stad 10.000 evacués uit de Betuwe, Vader en Moeder krijgen er maandag één van. Geen kleinigheid om al die mensen onder te brengen. In veel gezinnen zal wel eens heibel ontstaan, omdat je niet weet wat voor mensen je in huis krijgt. Het verwonderde ons wat, dat we hier in Leeuwarden evacués krijgen, met het oog op het vliegveld en andere strategische redenen was het praatje, zouden we vrij blijven. Geen 10 maar 8 duizend verdrevenen van huis en hof komen er hier. Elke nacht een trein vol. Mensen met onverschillige gezichten, mensen bleek en koud, mensen met een zware koffer en een paar dekens bepakt, die zichzelf en een paar kinderen aan de hand door de stad slepen, voorafgegaan door een jongen met een witte band om de arm: evacuatiedienst.”

“De evacués die Moe gekregen heeft is een schoenmaker met z’n vrouw en een zoon van 25 jaar, die een ellendige tocht in barre koude en sneeuwstormen per trein door Duitschland moesten maken om hier te komen vanuit hun woonplaats Roermond. Een afgeladen trein, waarin dagen verkeerd moest worden zonder eten, zonder drinken, zonder verwarming. Enkele kinderen en een zuigeling zijn bezweken, hoe kan het ook anders wanneer een flesje wat verwarmd moest worden op een kaars. De verhalen van de mensen uit Roermond zijn alle even triest, een half uur tijd was er om te vertrekken, om een koffer te pakken, maar noodzakelijke dingen werden natuurlijk vergeten. De aankomst hier in Leeuwarden was ook niet zo hartelijk, want de mensen worden als opeters beschouwd.”

Tekst: HCL